Door de ogen van de keurmeester ~ Diamantduif

diamantduif

Deze keer gaan we het hebben over een vogel die bij menig vogelliefhebber bekend is. Vele hebben deze vogel wel eens in hun collectie gehad. Vaak komen we ze tegen in een gezelschapsvolière en ze geven daar hun bezitter veel plezier. Er zijn echter maar weinig liefhebbers die met deze soort gericht kweken voor de tentoonstelling.
We komen deze vogels wel regelmatig tegen op tentoonstellingen maar dan is het altijd gering in aantal en dat is op zich jammer. Om zich zijn het vogels die eigenlijk op iedere tentoonstelling thuishoren.
We hebben het in dit artikel over de Diamantduif en dan met name de wildkleur, die ook wel grijs genoemd wordt. Natuurlijk zijn er ook al een aantal mutaties geweest binnen deze soort, maar daar zullen we ons verder niet mee bezig houden.

In dit artikel gaan we de wildkleur eens als keurmeester bekijken. Deze vogels worden gekeurd op een keurbriefje dat speciaal voor de duiven is. Ook op dit keurbriefje hebben we vijf rubrieken en deze zullen we zoals gebruikelijk allemaal nalopen en bespreken.

In de eerste rubriek kijken we naar het formaat, model, houding en conditie.
Het formaat van de diamantduif is, gerekend van de punt van de snavel tot aan de punt van de staart, 20 tot 24 centmeter. Dit formaat wordt bijna altijd wel gehaald door de vogels die op de tentoonstellingen te zien zijn.
Deze vogel heeft een romp die eivormig is en aan het smalle gedeelte daarvan bevindt zich de staart, die in verhouding tot de romp best wel lang is. In de borst moet de vogel vrij breed zijn, terwijl hij verder toch een slanke indruk moet geven. Het mag dus beslist geen dikke geblokte vogel zijn, maar een slanke vogel met een brede borst. Eigenlijk kun je dit vergelijken met een man die veel in de sportschool is geweest en daarbij een behoorlijke borstomvang heeft en richting zijn achterste wordt hij dan steeds smaller. Heeft onze diamantduif een dergelijk model, dan ziet hij er goed uit.
Het kopje van deze vogel staat los van de romp op een vrij dunne hals. Het kopje is ook eivormig en het oog hoort centraal in het kopje te zitten. De vleugels dienen tegen het lichaam gedragen te worden en de vleugelpunten dienen te sluiten op de stuit. Kun je vanaf de voorzijde tussen de vleugels kijken dat is de vogel te smal.
Het spreekt voor zich dat de vogel in een prima conditie moet zijn om goed in de punten te kunnen komen. Tijdens een keuring zie je nogal eens vogels waaraan je kunt zien waar de vogel is vastgepakt. De bevedering zit op die plaats niet helemaal strak. Op zich is dat moeilijk te voorkomen omdat je de vogel nu eenmaal moet pakken om hem in de grote tropenkooi te plaatsen, zodat hij gekeurd kan worden. Wil je deze problemen voorkomen dan kun je de vogel bete met een handschoen pakken. Hiermee voorkom je dat je vettige handen de vogelveren raken. Het beste is om hiervoor een katoenen of zijden handschoen te gebruiken. Pak je hiermee de vogel voorzichtig vast, dan zul je bijna niet kunnen zien waar je de vogel hebt vastgepakt.

Bij rubriek 2 kijken we naar de snavel en poten. De snavel van deze vogel is vrij lang en dun. Tijdens een keuring zien we nog wel eens vuile poten of een vogel die een nagel mist. Vaak zijn dit vogels die zo uit de ren gepakt zijn en in de TT kooi geplaatst zijn. Op zich is dat natuurlijk jammer want dit kost strafpunten. Bij het missen van een nagel worden 3 punten in mindering gebracht.

Bij rubriek 3 kijken we naar de bevedering van de vogel
Daar heb ik al het nodige over verteld bij de conditie. Daarnaast komen we nog wel eens beschadigingen tegen die veroorzaakt worden omdat de vogel zich beschadigd heeft tegen de tralies van de kooi. Dit laatste komt doordat de vogel niet gewend is aan de kooi. Een beetje training kan dit euvel aanmerkelijk verminderen.

De kleurdiepte en kleurregelmatigheid worden beoordeeld in rubriek 4.
De lichaamskleur van deze vogel is diep donker blauwgrijs van kleur. Dit is een kleur die je een keer gezien moet hebben, want hij is niet te vergelijke met een kleur in de dagelijkse omgeving. Het kopje is lichter van kleur en die kleur noemen we helder blauwgrijs. Regelmatig staan er vogels op de keurtafel die een vlekkerige kleur hebben en dat geeft natuurlijk aftrek van punten. Verder komt het regelmatig voor dat de vogels bruine aanslag laten zien. Dit komt vaak doordat de vogel te jong is en dus nog een gedeelte van zijn jeugdkleed laat zien. In zijn jeugdkleed heeft deze vogel namelijk nogal wat bruin zitten en het duurt even voordat dit bruin helemaal verdwenen is. Dus kom niet met te jonge vogels naar de keuring.
Het kan natuurlijk ook zo zijn dat de vogel niet fokzuiver is en dus bruin bij zich heeft. Als je zomaar een koppeltje hebt gekocht, dan kun je dat niet weten. Om goede wildkleuren te verkrijgen is het van belang om met fokzuivere vogels te kweken.

In de laatste rubriek kijken we naar de tekening van de vogel.
Eén onderdeel van de tekening is natuurlijk het vleugeldek van deze vogels, want daar moeten de diamantjes zitten. Dit zijn witte stippen die niet te groot mogen zijn en die ook niet mogen uitvloeien. De stippen moeten rond of nagenoeg rond zijn en in enkele gebogen lijnen over de vleugel lopen. Dit laatste is niet altijd het geval en het komt nogal eens voor dat de diamantjes heel onregelmatig op de vleugels zitten. Dit is niet goed en kost dus punten.
De stippen mogen beslist niet op de mantel of op de rug van de duif zitten, want dit is een grove fout. Als je dus goed kijkt naar deze vogel dan zien we een vogel die alleen stippen op de vleugels heeft en niet op de rug, daar laat de vogel zijn oorspronkelijke kleur zien.
Een ander onderdeel is de oogring van washuid. Deze is bij de doffer iets breder dan bij de duivin. Er is ook nog een onderdeel wat we eigenlijk alleen maar zien als de staart wordt gespreid. Dit is namelijk de zwart/witte tekening welke aan de onderkant van de staart zit.

De punten voor een gemiddelde vogel zijn 27-9-9-17-27 en dan hebben we een vogel van 89 punten. Op de tentoonstellingen komen we regelmatig vogels tegen die behoorlijk hoger scoren dan het gemiddelde. Deze vogels krijgen dan een punt extra in de rubrieken 1, 4 of 5 en de uitstekende exemplaren krijgen in alle rubrieken er een punt bij en dan hebben we een vogel van 92 punten.

Als je zo’n vogel ziet dan is het een lust voor het oog. Een top diamantduif in de wildkleur is schitterend om te zien. Op onze nationale show komen we deze vogels helaas niet al te veel tegen. Dit is jammer, want het zou een verrijking voor onze show zijn. Misschien zijn er wel leden die het eens willen proberen met deze vogel en krijgen we in de toekomst ook Diamantduiven op onze show. Ik het vorige clubblad heeft een beschrijving gestaan over het houden van en het kweken met deze vogels. Het kan een steuntje in de rug zijn als je met deze vogels wil beginnen.

Veel succes met de kweek.

Ton Koenen.

Overname is zonder schriftelijke toestemming NIET toegestaan

Keurbrief Duiven