Door de ogen van de keurmeester ~ Gordelgrasvink

Gordelgrasvink

Deze keer gaan we het hebben over de Gordelgrasvink. Een vogel die regelmatig wordt ingezonden op onze tentoonstelling. Tijdens de laatste tentoonstelling was hij te zien in de wildkleur en ook in enkele mutaties.
Wij gaan ons nu bezig houden met de wildkleur en op zich is het al lastig genoeg om een goede wildkleur te brengen op de tentoonstelling. De Gordelgrasvink wordt in ruime mate gekweekt, evenals de nauw verwante Spitsstaartamadine. Deze vogels worden ook onderling gekruist om zo de nieuwe kleuren naar elkaar over te zetten. De kleurslagen komen dan ook bij beide vogelsoorten voor.

We zullen deze prachtige soort eens gaan bekijken aan de hand van het keurbriefje. Deze soort wordt gekeurd op het gele standaard tropenbriefje.

Zoals bekend kijken we bij de rubriek 1 naar het formaat, model, houding, conditie en bevedering.
Zo bekijken we gelijk een heel groot gedeelte van de vogel. Zodra de voordrager de vogel voor de keurmeester op tafel heeft gezet, dan vallen er gelijk een aantal van deze zaken op. In dit verband noem ik even de voordrager, want dit zijn onmisbare mensen tijdens een keuring. Een keurmeester moet daar zijn taak verrichten en die is niet makkelijk, maar zonder de voordrager is het voor een keurmeester niet te doen. De voordrager zorgt ervoor dat er voldoende vogels klaar staan om te keuren en hij zorgt er ook voor dat de gekeurde vogels weer op de stelling komen. Als je dan op de opening komt dat staat alles weer netjes, maar daar hebben de voordragers zich heel nadrukkelijk voor ingezet en de verenigingen mogen trots zijn op deze mensen.

We gaan weer terug naar de Gordelgrasvink want deze gaan we met elkaar bekijken. Deze vogel behoort met zijn 12 cm niet tot de reuzen onder de vogels. Hij moet wel een robuuste uitstraling hebben. Daarmee wordt bedoeld dat hij een gedrongen en geblokt model moet hebben. Er moet dus een stevige vogel op stok zitten. De meeste vogels voldoen wel aan het formaat. Aan het model mankeert nog wel eens wat, zoals vogels die vrij smal zijn om maar eens iets te noemen.
Vogels die te smal zijn zullen vaak ook geen goed aansluitende vleugels hebben, daar deze de neiging hebben over elkaar heen te gaan. De Gordelgrasvink is een vogel die voldoende ronding moet vertonen in zijn borst. Dit loopt zowel uit in de lijn naar de buik, maar ook in de breedte. Doordat de borst te zwaar wordt gaat deze uitzakken en dat geeft weer een storend beeld van de vogel. Een enkele maal komt het voor dat de ruglijn van deze vogels storend is. Dan is er vaak een deuk in de nek te zien en dat is beslist niet de bedoeling. In de nek mag iets een gebogen lijn zitten.
De vogel moet een lekker stevige kop hebben met voldoende rondingen en die moet bij het geheel passen. Een klein vogeltje met een heel grote kop is natuurlijk geen gezicht.
De vogel moet fier op de stok zitten en mij mag er beslist niet op hangen.

Uiteraard moet de vogel in een prima conditie zijn en dient de bevedering strak om zijn lichaam te sluiten. Is een vogel niet helemaal in conditie dan zullen de veren ook niet altijd strak gedragen worden. Vogels die niet goed in conditie zijn mogen niet hoog in de punten komen.

In de tweede rubriek kijken we naar de poten en snavel.
Dit is een rubriek waar vaak weinig opmerkingen over hoeven te worden gemaakt. Is er wel wat aan te merken dan ligt dit in de meeste gevallen aan de liefhebber. Regelmatig zie je ruwe snavel en/of poten. Ook komt het voor dat de poten van de vogel vuil zijn. Dit zijn allemaal zaken die de liefhebber zelf in de hand heeft. Zorg ervoor dat een vogel goed verzorgt naar een tentoonstelling gaat. Daarbij horen het schoonmaken van de poten en eventueel invetten van de snavel en de poten. Dit kun je doen met een beetje babyolie die je met een zachte oude zakdoek of een wattenstaafje op kunt brengen. Hiermee bereikt je dat je geen opmerkingen meer krijgt over de ruwheid van de poten en de snavel.
Let hierbij wel op dat de babyolie niet aan de bevedering komt want het gaat er niet makkelijk uit en zal weg moeten slijten. Een enkele maal komt het voor dat de vogel een nageltje mist of erger nog een teen. Hier goed op letten voor je een vogel instuurt, want het missen van een nagel kost 3 strafpunten.

In de rubriek drie kijken we naar de bevedering van de vogel.
Bij conditie heb ik al aangegeven dat deze goed moet sluiten. Ook mogen er geen ruipunten zichtbaar zijn. Je ziet dat conditie en bevedering eigenlijk veel met elkaar van doen hebben.

Rubriek 4 is de rubriek waar de kleur wordt beoordeeld.
Hier wordt niet alleen naar de kleurdiepte gekeken maar ook naar de kleurregelmatigheid. De Gordelgrasvink is overwegend warmbruin van kleur met zwarte tekening onderdelen. De stuit van deze vogel is wit. De lichaamkleur van deze vogel laat zich moeilijk omschrijven. Het is namelijk geen melk chocolade maar ook geen puur. Eigenlijk zit de kleur er tussen en we zouden hem kunnen vergelijke met lichte mokkachocolade. De vogels die op een tentoonstelling worden gebracht variƫren nogal van kleur. Gelukkig zien we veel vogels die de kleur al goed benaderen. Heb je een vogel met de juiste kleur bruin en dan ook nog van een goed type dan heb je een plaatje van een vogel. Gelukkig komen die vogels er steeds meer. Vogels die niet voldoen aan de gevraagde kleur krijgen strafpunten. Uiteraard moet de kleur van de vogel egaal zijn en niet vlekkerig. Dit laatste komt best nog wel eens voor. Let daarom bij het samenstellen van het kweekkoppel goed op de kleur. Zorg dat je vogels met een voldoende kleurdiepte aan elkaar koppelt en let daarbij ook op de kleur egaliteit.

De vijfde en laatste rubriek op het keurbriefje behandeld de tekening onderdelen van deze vogel.
Deze vogels hebben niet veel tekening onderdelen en als er iets niet juist is dan zal daar best streng tegen opgetreden worden. De tekening onderdelen van deze soort zijn de oogstreep, het befje en de broektekening.
Bij de broektekening is een soort driehoek te zien die loopt vanaf de poot inplant tot aan de vleugel. Het breedste gedeelte bevindt zich nabij de vleugel. Dit onderdeel in zwart van kleur en dient strak afgetekend te zijn. Voorkomende fouten hierbij zijn het niet scherp afgetekend zijn en een lichte rand voor de broektekening. Dat wil zeggen dat er een licht gekleurd streepje evenwijdig aan de broektekening loopt en dit is natuurlijk niet goed. De warm bruine kleur moet doorlopen tot aan de broektekening. Het befje moet aansluiten bij de snavel en dient scherp en strak afgetekend te zijn. Dit ontbreekt er nog wel eens aan. De oogstreep geeft niet vaak problemen. Deze moet van de snavel tot het oog lopen en de breedte van het oog hebben.

Nu hoor ik sommige van jullie al zeggen, leuk wat je nu verteld, maar ik heb al vogels gezien die geen witte stuit veren hadden en die totaal niet warm bruin van kleur waren en toch hebben deze vogels hoge punten gehaald. Nu als je dat tegen mij zegt dan geef ik je nog gelijk ook, want in dit geval zullen we niet te maken hebben met een Gordelgrasvink die zijn witte stuitbevedering verloren heeft, maar we hebben dan te maken met een ZWARTSTUIT Gordelgrasvink. Deze vogel wordt tegenwoordig regelmatiger gekweekt in Nederland en dus kunnen we hem meer tegen komen op onze tentoonstellingen en keuringen. De naam van deze vogel zegt het al dat hij een zwarte stuit heeft. Verder is de vogel qua formaat en model nagenoeg gelijk aan de hierboven omschreven Gordelgrasvink. De kleur komt niet overeen, want deze is veel minder warm. Als de Gordelgrasvink deze kleur zou hebben dan zouden we over een slechte kleur spreken omdat hij niet warm genoeg is. Deze kleur is juist de kleur voor deze soort. Als de kweek van deze soort zo door gaat dan zullen we in de toekomst twee wildkleur vormen naast elkaar krijgen.

Dit was even een zijsprongetje en nu weer terug naar de punten die gegeven worden in de respectievelijke rubrieken. Een gemiddelde vogel krijgt 27-9-9-17-27 is totaal 89 punten. Blinkt een vogel uit in een rubriek dan kan hij daar punten bij krijgen. Een topvogel krijgt dan 28-9-9-18-28 en dat is goed voor 92 punten. Om een kampioen te bepalen kan er nog een punt extra gegeven worden in de rubrieken 1,2,4, en 5. Zo komen we aan de 93 punten. Vogels die te kort schieten in een bepaalde rubriek krijgen daarvoor punten aftrek, wat weer afhankelijk is van de ernst van de fout. Het zal voor iedereen duidelijk zijn dat meerdere fouten zullen leiden tot een groter aantal aftrekpunten.

Regelmatig zien we Gordelgrasvinken in de wildkleur die 92 punten of 93 punten scoren. Het goede kweekmateriaal is dus voor handen. Probeer het ook eens met deze prachtige vogel. Zien we jouw volgend jaar op onze tentoonstelling met een top Gordelgrasvink?

Ton Koenen

Overname is zonder schriftelijke toestemming NIET toegestaan

Keurbrief Tropen